DE NIEUWE WET TOEKOMST PENSIOENEN IS GEBASEERD OP FOUTIEVE REDENERINGEN

2022 04 11 DE NIEUWE WET TOEKOMST PENSIOENEN IS GEBASEERD OP FOUTIEVE REDENERINGEN

Pensioenfeiten robdebrouwer

In 2018 kwam het tweede Pensioenakkoord tot stand. Het eerste was vier jaar eerder gesneuveld omdat binnen de FNV onoverbrugbare weerstand tegen dit akkoord bestond, gesymboliseerd door de actiekreet “casinopensioen”. Het tweede Pensioenakkoord sneuvelde ook. Niet door tegenstand vanuit de sociale partners en ook niet door politieke weerstand. Het sneuvelde omdat de President van De Nederlandsche Bank in een brief aan Minister Wouter Koolmees liet weten dat de afspraken in het tweede Pensioenakkoord niet in lijn waren met zijn visie op de te hanteren rekenrente. In het Pensioenakkoord werden de zekerheden die in de Pensioenwet nog werden gehanteerd opgegeven. In ruil daarvoor zou dan een hogere rekenrente kunnen worden toegepast waardoor de problemen met het stelsel konden worden opgelost. Het belangrijkste probleem was immers het achterblijven van indexatie en door een hogere rekenrente zou de dekkingsgraad van pensioenfondsen kunnen stijgen waardoor indexatie weer in zicht zou komen.

De belangrijkste passage in de brief van Klaas Knot aan Wouter Koolmees was deze:

“Het waarderen van een pensioenuitkering kan op twee manieren: het verwachte rendement wordt wel of niet meegenomen in zowel de verwachte pensioenuitkering als ook de disconteringsvoet Bij een consistente toepassing (gebruik verwacht rendement in zowel de teller als noemer of gebruik RTS in zowel teller als noemer) leiden beide keuzes tot dezelfde waarde, en deze is gelijk aan de marktwaarde”.

Wat staat hier in gewone mensentaal? Wij waarderen een pensioenuitkering. Dat wil zeggen wij bepalen de waarde van een pensioenuitkering. Omdat pensioenuitkeringen in de toekomst liggen en wij willen waarderen in het heden hebben we daarvoor een discontovoet nodig. Met de discontovoet maken we de toekomstige waarde contant in het heden. Het is het antwoord op de vraag: hoeveel geld heb ik nu nodig om in de toekomst een uitkering te doen? Bij een discontovoet van bijvoorbeeld 7% is de waarde van een uitkering van € 1.000 over tien jaar nu € 500 waard. Want als je die € 500 belegt met een rendement van 7% heb je na tien jaar precies € 1.000.

In een wiskundige formule:

Waarbij V de werkelijke waarde van de verplichtingen is, dus de optelsom van de jaarlijkse verplichtingen, r de discontovoet en t het aantal jaren dat de betreffende verplichting is verwijderd van het heden.

Klaas Knot zegt, vertaald in gewone mensentaal, als je kiest voor een bepaalde discontovoet, moet je dat consistent doen. Dat wil zeggen zowel voor de teller als voor de noemer.

Over de keuze van de discontovoet merkt Klaas Knot op:  “Het waarderen van een pensioenuitkering kan op twee manieren: het verwachte rendement wordt wel of niet meegenomen in zowel de verwachte pensioenuitkering als ook de disconteringsvoet”. Ik denk dat hij bedoelt: je mag de nominale verplichtingen alleen maar waarderen tegen de RTS (de rentetermijnstructuur, ofwel de risicovrije rente). Als je het verwachte rendement gebruikt moet je de reële verplichtingen gebruiken, dat wil zeggen de nominale verplichtingen opgehoogd met de indexatie op basis van de verwachte inflatie. En de uitkomst is dan gelijk. Dus het maakt niet uit welke keuze je maakt, de uitkomst bij toepassing van het verwacht rendement is gelijk aan de uitkomst bij toepassing van de risicovrije rente. Nog anders gezegd: de nominale dekkingsgraad is altijd gelijk aan de reële dekkingsgraad. Dat is natuurlijk onzin! In het jaarverslag over 2020 rapporteert bijvoorbeeld het Pensioenfonds Hoogovens een actuele dekkingsgraad van 108,8 en een reële dekkingsgraad van 83,7.

De bewering van Klaas Knot klopt dus niet.

Een pensioenfonds geeft in ruil voor de afdracht van premies aanspraken af voor een nominale, niet aan de inflatie aangepaste, uitkering. De inflatiecompensatie, indexatie genoemd, moet verdiend worden uit het overrendement. Wordt er geen overrendement gemaakt dan is er ook geen ruimte voor indexatie. Maar de premie is wel berekend op basis van een verwacht rendement. Als dit verwachte rendement wordt gehaald, dan is de nominale uitkering, zonder indexatie, verzekerd. Overrendement is dan het rendement dat boven het in de premie toegepaste verwachte rendement uitgaat. Aangezien de premie niet wordt berekend op basis van de RTS of de risicovrije rente, is deze laatste dus ongeschikt als discontovoet, los van de vraag of je uitgaat van de nominale of de reële uitkering.

Wat je in de toekomst nodig hebt om aan je verplichtingen te voldoen, is stabiel en volkomen helder. Daartegenover staat de vraag of er voldoende in kas is om aan die verplichtingen te voldoen. De uitdrukking “voldoende in kas” heeft betrekking op het vermogen, de belegde middelen. De waarde daarvan schommelt dagelijks en kan zelfs aan hevige schommelingen onderhevig zijn. In de opvatting van auteurs die het beleid van De Nederlandsche Bank verdedigen schommelen de verplichtingen echter ook voortdurend, omdat zij de dagelijks veranderende risicovrije rente gebruiken als discontovoet. Ik citeer Prof. Bas Werker en anderen in hun reactie op de brief van meer dan veertig prominente wetenschappers en bestuurders aan de Tweede Kamer, waarin zij pleiten voor aanpassing van de discontovoet: “Het vermogen van de pensioenfondsen moet bij voorkeur sneller groeien dan de kosten van de aan iedereen beloofde pensioenen. Deze pensioenverplichtingen nemen namelijk niet alleen toe als de rente lager wordt, maar ook als we langer leven.” Opnieuw een volkomen onjuiste voorstelling van zaken, die ik al eerder aan de kaak stelde[1]. De pensioenverplichtingen nemen niet toe als de rente lager wordt. De pensioenverplichtingen zijn wat ze zijn. De balanswaarde van de pensioenverplichtingen verandert als de discontovoet verandert en als je een discontovoet kiest die dagelijks verandert en ook nog door de Europese Centrale Bank omlaag wordt gemanipuleerd, dan creëer je zelf een dagelijks schommelde balanswaarde van de pensioenverplichtingen. De waarde daarvan is een indicatie van de renteschommelingen niet van de verplichtingen zelf. Overigens: ook de bewering dat de verplichtingen toenemen als we langer leven moet als onzin terzijde worden geschoven. Weten deze auteurs dan niet dat periodiek de pensioenleeftijd wordt aangepast aan de levensverwachting?

Wat had Klaas Knot dan moeten schrijven aan Minister Koolmees toen het tweede Pensioenakkoord tot stand kwam in 2018? Ik zou het zo hebben opgeschreven:

Het waarderen van een pensioenuitkering kan maar op een manier: het verwachte rendement na aftrek van de inflatieverwachting, zoals gerapporteerd door de Commissie Parameters, is de enig juiste discontovoet. Dat wil zeggen dat de juiste disconteringsvoet voor zowel de nominale als de reële verplichtingen hetzelfde rendementspercentage is als wordt toegepast in de berekening van de premie.

Als de President van De Nederlandsche Bank zich zo had opgesteld dan was al jaren geleden een nieuwe Pensioenwet tot stand gekomen op basis van het tweede Pensioenakkoord van 2018. Dan was er ook geen noodzaak geweest over te stappen op een premieregeling en had de bestaande uitkeringsregeling kunnen blijven bestaan. De conclusie is dramatisch: de nieuwe Wet Toekomst Pensioenen is gebaseerd op foutieve redeneringen van de President van De Nederlandsche Bank en in diens kielzog enige hoogleraren. Velen hebben geprobeerd aan te tonen dat het anders moest. Daar is niet naar geluisterd. Opnieuw sorteren wij voor naar een toekomstig debat in de Tweede Kamer waarin bewindslieden excuus moeten gaan maken voor de verkeerde keuzes die zij hebben gemaakt. Dat moment zal er voor de Wet Toekomst Pensioenen in de toekomst zeker komen, maar in de tussentijd is een hele generatie gepensioneerden overleden zonder ooit te hebben gekregen waarop zij recht hebben: een waardevast pensioen als de overrendementen dat toelieten.

Rob de Brouwer 11 april 2022

[1] Zie mijn artikel op www.pensioenfeiten.nl WAT DE AUTEURS BAS WERKER, THEO KOCKEN EN ANDEREN VERKEERD ZIEN.

Klaas Knot, hij praat niet over de gevolgen voor gewone mensen

Wilma Berkhout-van Den Heuvel

Zondag 6 februari 2022 Buitenhof met Klaas Knot.

Klaas Knot bij Buitenhof. Pieter Jan Hagens mag luisteren en niet kritisch doorvragen zoals gewoonlijk.

Klaas Knot komt alleen als hij ZIJN verhaal en de door hem voorgeschreven werkelijkheid mag vertellen. Anders weigert hij. HIj komt zenden.

En de door hem voorgeschreven werkelijkheid brengt hij als een noodzakelijkheid. Als ze niet doen wat hij zegt gaat het fout in de wereld en in Nederland in het bijzonder. En passant zegt hij wel als een bange wezel (het ligt niet aan hem en DNB) dat de politiek moet beslissen. Hij draagt geen verantwoordelijkheid lijkt hij te zeggen.

Maar hij praat niet over de gevolgen voor gewone mensen en hun leven en hoe zij in de knel komen door de inflatie en het verhogen van de (vaste) lasten en het wonen niet meer kunnen betalen. De gang naar de voedselbank moeten maken. Die wereld kent hij niet en hij heeft daar ook geen gevoel bij of empathie voor.

Hij preekt de voorgeschreven werkelijkheid (of die van de bankiers van ECB) en die is dat het missen van de belastingopbrengst van box 3 opgevangen moet worden met een hogere vermogensbelasting voor PARTICULIEREN. (Niet binnen box 2, want daar zit 400 miljard van ondernemers vooral in de BV’s, laat staan het ontgaan via off shore constructies).

Je kon er bijna de klok op zetten dat hij opnieuw in dit verband het belasten van de overwaarde de eigen woning van PARTICULIEREN ten tonele zou voeren met als flinterdunne onderbouwing de valse vergelijking met het buitenland, alsof wij nauwelijks vermogensbelasting heffen en de rest wel. Maar het is precies andersom! Het buitenland kent geen dubbele ficties die degenen die juist weinig opbrengst met hun vermogen halen zeer fors belasten en degenen die veel geld binnenhalen met hun vermogen niet belasten. Dát is uniek. Ook hier is Nederland de spookrijder, die zegt dat ieder ander verkeerd rijdt. Hij benoemt ook de valse tegenstelling tussen het belasten van de hardwerkende Nederlander met een tarief van 50 % op zijn loon en de nu 0,55 % van de WOZ-waarde met het eigenwoningforfait in box 1. Alsof harde werkenden daar niet door getroffen worden.

Alsof iedereen die niet meer “hard” werkt de lasten maar moet ophoesten, omdat dat het enige juiste is als je niet (meer) “hard” betaald werkt.

Van het geld van je loon kun je eten en je kunt er mee betalen. Van een fictieve bijtelling van inkomen kun je niets betalen en ondanks de waardestijging kun je je onroerend zaakbelasting of je brood niet met bakstenen kopen. Je moet in je eigen woning wonen. En als je inkomen (AOW en pensioen) dan netto steeds minder waard wordt dan is een dergelijke belasting uiteindelijk desastreus.

Maar daar lijkt hij niet mee te zitten. Klaas Knot schrijft een werkelijkheid voor als noodzakelijk waar de PARTICULIERE ouderen voor moeten opdraaien. Hij heeft vast niet zo een vader en moeder. Hij heeft zelf voldoende centen om oud te kunnen worden zonder geldzorgen.

Maar hij is dan ook iemand uit de groep van 3 % met de 7 vinkjes (lees voor wat dat is het artikel van Joris Luyendijk (de man van het boek “Dat kan niet waar zijn,”) dit weekend in NRC). De ouders van Klaas Knot zitten bij die 3 % zeven vinkjes die Klaas dus ook heeft.

Die mensen kennen geen doorzettingsvermogen, moed, armoede, slecht wonen, niet naar een bepaalde school mogen, tegenslag, de ervaring om buitengesloten te worden door wat ze zijn. Kortom zij hebben geen ervaring wat het is om in het leven te slagen als je niet 7 vinkjes hebt. Want met 7 vinkjes ben je bij voorbaat geslaagd.

Maar Klaas Knot, er zijn veel betere oplossingen mogelijk, die laten zien dat er helemaal geen problemen hoeven te zijn, waarvan alle Nederlanders, ook de ouderen (zij die hard gewerkt hebben en vaak zonder 7 vinkjes) kunnen profiteren.

En 7 vinkjes mens ken maar een soort oplossingsrichting: die oplossingen die gunstig zijn voor de rijken, de ondernemers, de banken en de Zuidas.

Een andere werkelijkheid kent hij niet. Daar zitten geen mensen , maar kille gemiddelde cijfers.

En dat is dan de voorgeschreven werkelijkheid die de nieuwsredacties braaf reproduceren.

nrc.nl

De besten aan de top? Wij hadden alles mee en niks tegen

Essay | Macht: Mannen zoals Joris Luyendijk bepalen welke vaardigheden en eigenschappen belangrijk zijn om topposities te bereiken. Incasseringsvermogen telt niet mee.

contact adres [email protected]

 

Opschorten van contributie aan politieke partijen

Allereerst het item over de AOW speelt al geruime tijd binnen de VVD, het is begonnen in maart 2021 (zie bijlage) de SIS heeft hier verder geen aandacht aan besteed,  daarna is het opgepakt door de Club senioren onder de naam HIP (Herstel index pensioenen) zij hebben dit onderwerp altijd op een correcte wijze willen behandelen ,ook met een motie (zie bijlage) welke op de algemene vergadering van de VVD is overgenomen, echter wat schets onze verbazing het betreffende tweede kamer lid Bart Smals geeft hieraan geen gehoor dit betreuren wij ten zeerste !

De VVD heeft voor de verkiezingen expliciet belooft dat de AOW wel gekoppeld zou blijven aan het minimumloon, echter het tegenovergestelde gebeurt (zie ook het verkiezingsprogram VVD)

De senioren willen zeker naar aanleiding van het stuk in de telegraaf, en daarna de uitleg van de nieuwe fractievoorzitter van D66 ,met de zinssnede wij moeten de senioren binnen onze club rustig krijgen! Wanneer wordt er eens gepraat met de ouderen en niet alleen over hen!

Vergeet niet de jongeren van nu zijn de volgende generatie die hiermee te maken krijgen!

Toch willen een groot aantal VVD Senioren verspreid over het land, het op een fatsoenlijk manier onder de aandacht brengen van alle senioren in Nederland, daar waar praten stopt, zal er op een andere manier druk op de ketel moeten komen. Zij hebben een mail gestuurd naar de politiek partijen Senioren VVD-D66-CDA-CU met een oproep aan de Senioren van deze partijen om hun lidmaatschap niet op te zeggen, “maar hun contributie op te schorten” totdat de koppeling hersteld is.

Wij zijn met een groot aantal in Nederland en zijn de trouwe aanhangers van de politieke partijen dus zet ons niet buitenspel, wij willen dat beloften worden nagekomen en vinden het dan ook vervelend om dit te moeten inzetten als drukmiddel.

VVD senioren HIP (Herstel index pensioenen)

Nieuw pensioenstelsel voor werkgevers nog ver-van-mijn-bedshow

Onderzoek Aegon: nieuw pensioenstelsel voor werkgevers nog ver-van-mijn-bedshow

10 juni 2021  De helft van de werkgevers is niet of onvoldoende bekend met het pensioenakkoord. Hoe kleiner het bedrijf, des te lager het kennisniveau.

Dit komt naar voren uit onderzoek dat Ipsos heeft uitgevoerd in opdracht van Aegon Cappital. Daarbij is gesproken met personen die verantwoordelijk zijn voor pensioen binnen hun organisatie. Vooral voor het mkb is er volgens de onderzoekers nog werk aan de winkel om de kennis over het stelsel op niveau te krijgen.

Dit is de top 5 vragen van werkgevers aan pensioenadviseurs

Uit het onderzoek blijkt verder dat het gebrek aan kennis vaak zorgt voor een neutrale beoordeling van het akkoord. Pensioenverantwoordelijken weten simpelweg nog lang niet altijd wat ze er van moeten vinden. Er leven wel veel zorgen binnen het bedrijfsleven en er zijn vragen als: gaan mijn werknemers er niet op achteruit?, gaat dit mijn bedrijf niet heel veel geld kosten? en gaat het lukken om tijdig te implementeren? Opvallend daarbij is volgens Aegon dat met het toenemen van de kennis er ook meer zorgen zijn. Werkgevers die meer weten over het nieuwe stelsel zijn vooral bevreesd niet op tijd klaar te zijn.

Veel veranderingen voor werkgevers

Kabinet en werknemers- en werkgeversorganisaties kwamen in 2019 tot overeenstemming over de vorm van het nieuwe pensioenstelsel. Dit pensioenakkoord betekent dat er veel werk aan de winkel is bij organisaties, omdat er veel verandert. Inmiddels is al duidelijk dat er zoveel moet worden gedaan dat het kabinet heeft besloten de invoering met een jaar op te  schuiven naar 1 januari 2027.

Dit zijn de keuzes voor  werkgevers die verzekerde regelingen willen voortzetten

 

 

Pensioenakkoord laag op de agenda

Het uitstel is volgens Aegon geen overbodige luxe nu uit het onderzoek blijkt dat bij de meeste werkgevers het pensioenakkoord niet hoog op de agenda staat. Van de 250 ondervraagde werkgevers is 12 procent totaal onbekend met het pensioenakkoord. En nog eens 34 procent heeft er wel van gehoord, maar weet niet wat het inhoudt. Toch realiseren werkgevers zich dat ze verantwoordelijk zijn voor het pensioen van hun werknemers en in actie moeten komen.

Wanneer bedrijven geen actie ondernemen, ontstaat in 2026 een stuwmeer waarbij adviseurs en uitvoerders tegen capaciteitsissues aanlopen

Voor veel werkgevers is er zoveel onduidelijk dat er maar weinig organisaties zijn die zich actief voorbereiden op het nieuwe stelsel. Inmiddels heeft de helft weliswaar hiermee een begin gemaakt, maar dat houdt niet veel meer in dat ze zich hebben ‘ingelezen’. “Een groot risico is dat bedrijven actie hierop blijven uitstellen”, zegt ceo Marianne de Boer van Aegon Cappital. “Mogelijk ontstaat er dan een stuwmeer in 2026 waarbij adviseurs en uitvoerders tegen capaciteitsissues aanlopen. De overheid en de pensioensector moeten werkgevers gaan stimuleren, want als een werkgever begin 2027 niet klaar is, heeft dat gevolgen voor zijn pensioenregeling. Zijn pensioenuitvoerder mag de bestaande regeling dan simpelweg niet meer uitvoeren.”

Werkgevers willen duidelijke communicatie

Met het juiste kennisniveau zien werkgevers de voordelen van het pensioenakkoord en zijn ze eerder bereid te starten met de voorbereiding. Pensioenuitvoerders kunnen volgens de onderzoekers een belangrijke rol spelen om de kennis op niveau te krijgen. Werkgevers verwachten van hen dat duidelijk én op tijd wordt gecommuniceerd wat het pensioenakkoord inhoudt, wat de gevolgen zijn voor werknemers en wat de kosten zijn.

 

Het Pensioen Drama Ontrafeld – Waarom je te veel spaart en te weinig krijgt

Op  15 juni 2021 verschijnt het nieuwe boek van Rob de Brouwer

Samenvatting Het Pensioen Drama Ontrafeld

Hoe een onderwerp zo weinig tot de verbeelding spreekt, maar toch ongelofelijk veel impact heeft op iedere Nederlander!. In korte en overzichtelijke hoofdstukken behandelt Rob de Brouwer de belangrijkste vragen over het pensioen: hoe is het ontstaan, wat is de essentie van ons pensioen en hoe beïnvloeden de vergrijzing en de dalende rente de uitkomsten. Wat is de rol van de rekenrente, maar bovenal de vraag of er wel problemen bestaan, want staan de pensioenfondsen er wel zo slecht voor als wordt beweerd. De conclusies zijn opzienbarend. In Nederland wordt veel te veel gespaard voor het pensioen. Bovendien worden op de bij elkaar gespaarde vermogens over de langere termijn bekeken hele goede rendementen gemaakt. Komt er genoeg geld binnen om de maandelijkse pensioenen te betalen? Dat is de centrale vraag. En omdat de rendementen over langere termijn zo’n regelmatig verloop hebben kom je tot verrassende inzichten als je wat verder in de toekomst kijkt. Een opzienbarend boek met zeer opmerkelijke conclusies. Onmisbaar voor iedereen die wil weten wat er met zijn of haar geld gebeurt!

Onderwerp: Belangrijk nieuws over uw pensioen: onderteken de petitie!

Geachte heer, mevrouw,

Wij hebben belangrijk nieuws voor u. Help ons en onderteken vandaag nog de petitie om het uithollen van onze pensioenen te stoppen en ervoor te zorgen dat deze weer worden verhoogd!

Klik hier om naar de petitie te gaan

Pensioenen 25% verlaagd
Wist u dat de pensioenopbouw van werkende Nederlanders al 12 jaar lang is bevroren en dat iedereen daardoor straks 25% minder pensioen ontvangt? En dat dit nu al geldt voor gepensioneerden? Ter illustratie: Een pensioendeelnemer met een modaal inkomen heeft afhankelijk van zijn/haar leeftijd hierdoor een financiële schade van tussen de € 38.000 en € 42.000. Op de website www.samenvooreeneerlijkpensioen.nl kunt u er alles over lezen, een berekening van uw persoonlijke schade maken en onze petitie ondertekenen. Doe het vandaag nog! Het uithollen van ons pensioenstelsel moet stoppen. We rekenen op uw steun, want alleen samen kunnen we er iets aan doen.

Mede namens het Bestuur van de Stichting Verontruste Ouderen

Met vriendelijke groet,

www.samenvooreeneerlijkpensioen.nl

Een zeer belangrijke waarschuwing van Herman Tjeenk Willink.

NRC 14 januari 2021.

Een zeer belangrijke waarschuwing van Herman Tjeenk Willink.

Hij waarschuwt voor de rol van de Kamer als medewetgever en dus ook verantwoordelijk voor wetten die desastreus zijn zoals ook de Participatiewet maar ik zeg (waarschijnlijk heeft Tjeenk Willink niet zoveel verstand van pensioenen anders zou hij dat ook benoemen) ook de Pensioenwet van 2007 en het nieuwe pensioenstelsel. De Tweede Kamer is medeverantwoordelijk maar laat lijdzaam die verantwoordelijkheid liggen en stemt met partijdiscipline de burger in de vernieling.

De Participatiewet en de Pensioenwetten oud en nieuw zorgen en gaan voor grote onrechtvaardigheden zorgen. Lees verder

ZIJN DE REGELTJES, DOMOOR. Rob de Brouwer

HET ZIJN DE REGELTJES, DOMOOR!

04 JAN HET ZIJN DE REGELTJES, DOMOOR!   pensioenfeiten.nl

Geplaatst op 15:28h in Columns door robdebrouwer 13 Reactie’s

Vanmorgen, 4 januari 2021, luisterde ik zoals gewoonlijk naar de radio 1. Opnieuw kwam er een deskundige, ditmaal van adviesbureau Aon,  voorbij die een toelichting gaf op de toestand van de pensioenen in Nederland. De vraag was of er gekort moest worden. Gelukkig lijkt het erop dat de grote pensioenfondsen zoals Zorg en Welzijn en het ABP op 31 december 2020 een dekkingsgraad hadden van meer dan 90%. Daarmee voldoen zij aan de nieuwe normen die Minister Koolmees heeft vastgesteld in verband met de overgang naar een nieuw stelsel. Enige kleinere fondsen zullen wel moeten korten. Opnieuw begon mijn dag met chagrijn. Omdat het hele verhaal van te lage dekkingsgraden gewoon een gevolg is van verkeerde keuzes die De Nederlandsche Bank heeft gemaakt toen het Financiële Toetsingskader werd vastgesteld. Lees verder

Ook “ongekend onrecht” bij pensioenen. Wilma Berkhout

Ook “ongekend onrecht” bij pensioenen.

Op woensdag 16 december 2020 stuurt Koolmees een brief naar de Tweede Kamer met een zogenaamd ‘transitie-ftk” voor de overgangsperiode naar het nieuwe pensioenstelsel in 2026.

Koolmees en DNB dicteren hierin de private pensioenfondsen via de wetgever macht met wat er moet gebeuren. Lees verder