PENSIOENDISCUSSIE ROEPT MEER VRAGEN OP DAN WORDEN BEANTWOORD.

Een van onze relaties plaatste in 2013 het onderstaande artikel en bleek een vooruitziende blik te hebben. De vraag is nu of dit over weer 5 jaar nog steeds hetzelfde zou moeten zijn.

 

PENSIOENDISCUSSIE ROEPT MEER VRAGEN OP DAN WORDEN BEANTWOORD.

Tijdens en na het bereiken van het pensioenakkoord is in Nederland een enorme discussie over de effecten ervan losgebroken. In eerste instantie roept die discussie meer vragen op dan zij beantwoordt. De politieke tegenstanders stellen dat het kabinet (Jetta Klijnsma) vals heeft gespeeld, door de inhoud van het nieuwe akkoord pas naar de Kamer te sturen, nadat het akkoord was bereikt. Het Centraal Planbureau stelt dat het akkoord slecht is voor jongeren en wakkert daarmee de strijd tussen de generaties weer aan. Terwijl de vijf partijen die het akkoord hebben gesloten menen dat het resultaat juist positief uitvalt voor jongeren. Zij gaan immers langer werken, waardoor de pensioenopbouw kan toenemen. Het Sociaal Cultureel Planbureau op zijn beurt vindt dat er geen arme ouderen meer bestaan, want vrijwel iedereen heeft naast de AOW een aanvullend pensioen. Ook dit planbureau wakkert daarmee opnieuw de strijd tussen generaties aan. Dat gebeurde ook al dit voorjaar.

Daarnaast worden redelijk dwaze argumenten door beide Planbureaus gebruikt. Enkele voorbeelden. Het CPB stelt dat een toenemend aantal ZZP-ers minder pensioen kan opbouwen. Dat is onjuist. Zelfstandig werkende ICT-, organisatie- en management adviseurs kunnen bij een pensioenverzekeraar een passend pensioen afsluiten. Alleen ze moeten dat wel willen betalen en ervan uitgaan dat zij niet altijd door de markt worden ingezet. Zij hanteren andere tarieven dan een bedrijf een ‘gewone’ medewerker betaalt. Zij nemen dus zelf een zeker risico. Laat duidelijk zijn het is een vrijwillige keuze. Het CPB stelt ook onomwonden dat jongeren gaan betalen voor oudere gepensioneerden, dus de huidige zeg 65/66 plus generatie. Dat is een buitengewoon vreemd argument. Immers voor wie hebben die ouderen dan zelf dertig of veertig jaar premie betaald (net als hun werkgevers)? Ouderen is altijd voorgehouden dat zij zowel zelf en de werkgever premie betaalden voor ‘uitgesteld loon’, te weten hun eigen pensioen. Voor de goede orde: de ouderen van nu zonder eigen huis of vermogen, zijn vrijwel volledig afhankelijk van dat uitgesteld inkomen voor hun toekomst. En wat zien we? Bijna 100 pensioenfondsen hebben in 2012 en 2013 al moeten korten, omdat de ‘dekkingsgraad’(de norm voor toekomstige verplichtingen), onder 105 was gedaald, door de extreem lage lange (reken)rente.

Wat zien we nog meer: bij de meeste fondsen is de laatste jaren nauwelijks meer geïndexeerd. Prijscompensatie voor niet-vermogende ouderen is al jaren niet meer aan de orde. Verder hebben zowel de Staat (kabinet Kok 1) en grotere bedrijven (o.a. Philips) in de jaren negentig een beroep op de pensioenfondsen gedaan om hun vermogenspositie te versterken. Zo zijn miljarden ‘uitgesteld inkomen’ van de medewerkers ontvreemd! En voor de goede orde nooit terugbetaald.

Dat korten op pensioenen is wellicht in 2014 voor zo’n 40 pensioenfondsen weer nodig.

Daarvan maken het CPB en SCP geen melding in hun commentaar, dus zij maken zich schuldig aan een eenzijdige benadering.

Het SCP maakt het helemaal bont als men stelt dat elke oudere over een aanvullend pensioen beschikt. Maar het SCP geeft geen beeld van de omvang daarvan. Uit de spreekuren van de FNV blijkt dat veel ouderen een zeer beperkt aanvullend pensioen ontvangen. De echte handarbeiders beschikken los van de AOW over een (aanvullend) pensioen van gemiddeld 800 tot 1200 (bruto) euro per jaar. En omdat zij in de jaren vijftig en zestig soms ook werkloos waren, beslaat hun pensioenopbouw niet altijd een periode van 40 jaar. Tenslotte kunnen jongeren nu het pensioenakkoord er is in de komende periode aanvullende verzekeringen sluiten. Voor ouderen is de bestaande situatie niet meer te veranderen.

Dat geheel plaatsen we tegen de al jarenlang heersende opvatting dat het Nederlandse pensioenstelsel tot de beste ter wereld behoort en dat we spreken over een totaal vermogen van ruim 1100 miljard euro. De beurskoersen zijn het laatste halfjaar met ca. 40 punten gestegen (AEX juni 345, de laatste weken tussen de 385 en 395). Daarnaast stijgt de rente. Je zou dus mogen verwachten dat korten van pensioenen is uitgesloten.

Temeer daar staatssecretaris Klijnsma toen zij met haar college Weekers enkele maanden geleden het nieuwe pensioenvoorstel in de Eerste Kamer verdedigde om de haverklap stelde ‘dat korten in 2014 niet nodig is’.

Kortom, de huidige discussie is vergeven van onjuistheden en onduidelijkheden. Het kabinet heeft geen fraai nieuw stelsel neergelegd, maar gewoon 3 miljard aan middelen binnen gehaald. Het heeft geen inhoudelijk doortimmerd en toekomstbestendig pensioenbeleid neergelegd en met de politiek uitonderhandeld, maar velen met een kluitje in het riet gestuurd. En het kabinet stelt onomwonden dat de lonen in 2014 gaan stijgen, omdat de (pensioen)premies zullen dalen. En beide Kamers slikken dat argument kennelijk. Terwijl het kabinet, noch de beide Kamers daarover gaan. Dat maken de besturen van de pensioenfondsen uit. Die zijn samengesteld uit vertegenwoordigers van werkgevers en werknemers (lees vakbonden). Veel van die fondsen hikken nog steeds aan tegen problemen met die bewuste dekkingsgraad. En vooral de blijvend lage rente. Dat betekent dat de fondsen niet staan te trappelen om de premies te laten dalen. Dan komt immers het spook van korten op de huidige pensioenen weer om de hoek kijken. En daarvan maken beide Planbureaus in hun kritiek op het huidige akkoord geen melding. Dat ouderen gemakkelijke slachtoffer zijn van niet-indexeren en erger nog korten, komt in hun benadering ook niet voor.

Want ouderen vormen een gemakkelijke doelgroep: zij komen niet massaal in verzet en hun vakbonden doen voor deze doelgroep ook weinig. Het zou het kabinet sieren als zij deze groep, net als de chronisch zieken en gehandicapten in elk geval van een inkomen voorziet dat hen in staat stelt ook boven 65/66 jaar een normaal leven te leiden. Want deze groeiende groep beziet tandenknarsend alle berichten in de pers over toenemende fraude in dit land. De laatste cijfers: ca. 13 miljard per jaar!

Vic Kerkhoff,
Oud-voorzitter Lokaal Overlegplatform FNV Bondgenoten ZO Nederland.

Impasse over het pensioen

Onderhandelaars zoeken naar dé meesterzet om stelsel te moderniseren
Na bijna tien jaar praten over modernisering van ons pensioenstelsel zijn werkgevers en vakbonden nog geen steek verder. Ondertussen lopen de kosten op en leveren de pensionado’s in.
PEET VOGELS

Vorige week verliep de zoveelste deadline voor het pensioenoverleg, weer zonder resultaat. Deskundigen zijn somber over de kans dat er alsnog een compromis komt.

Een broedende kip moet je niet storen. Die tegelwijsheid uiten vakbonden en werkgevers als ze gevraagd wordt waarom er nog geen advies is voor een nieuw pensioenstelsel. Maar zit die kip wel ergens op te broeden?

Zorgvuldigheid gaat boven snelheid is er nog zo een. Maar wat betekent dat nog als er al jaren over een nieuw stelsel gesproken wordt? ,,Eigenlijk al vanaf 2009. Toen werd er in de Stichting van de Arbeid een pensioenakkoord afgesproken”, zegt Bas Jacobs, hoogleraar economie aan de Erasmus Universiteit.

Dat er lang gepraat wordt, is begrijpelijk. Het Nederlands pensioenstelsel wordt internationaal geroemd als een van de beste zo niet het beste pensioensysteem ter wereld. Nergens hebben ouderen zo’n goed inkomen en is er zo weinig armoede onder ouderen als in Nederland. Zo’n stelsel zet je niet zo maar even overboord.

Vertrouwen
Toch moet dat wel gebeuren, vinden politiek, werkgevers en diverse deskundigen. Het vertrouwen in het stelsel is flink gedaald, omdat pensioenen al jarenlang in koopkracht achteruit gaan. En het groeiend leger zzp’ers heeft al helemaal geen toegang tot het pensioenstelsel.

,,Het huidige stelsel is veel te ingewikkeld. Het moet simpeler”, zegt hoogleraar risicomanagement Theo Kocken. ,,We moeten toe naar individuele potjes. Bovendien is er in het huidige stelsel constant de discussie of jongeren voor ouderen betalen of juist omgekeerd. Daar kom je niet uit.”

,,Het huidige pensioencontract is incompleet”, vult Jacobs aan. ,,Niemand weet wat hij betaalt en wat hij krijgt. Iedereen denkt dat hij te veel betaalt en te weinig krijgt. Dat tast het vertrouwen in het stelsel aan.”

Als iedereen zijn eigen potje heeft, is het duidelijk wat je pensioenvermogen is. Bovendien kun je een potje meenemen als je van baan verandert. Een voordeel voor zzp’ers die vaak van opdrachtgever wisselen.

Maar juist die individuele potjes liggen moeilijk bij de vakbeweging. De angst is dat het tot een onzeker pensioen leidt. Want wat gebeurt er als de beurs instort net voor je met pensioen gaat? Dan zit er ineens veel minder in je pot.

,,Wat wij zien op bijeenkomsten is dat vooral ouderen willen dat de koopkracht van het pensioen wordt gegarandeerd. Jongeren willen vooral dat de AOW-leeftijd en daarmee de pensioenleeftijd verlaagd wordt”, zegt een woordvoerder van de FNV. ,,Wij willen een pensioencontract dat beter presteert op het gebied van koopkracht en dat collectief is.”

Die opstelling leidt tot moeizame gesprekken in de SER, het adviesorgaan voor de regering waar over het pensioenadvies wordt gesproken. Over het overleg willen werkgevers en vakbonden niets zeggen. ,,We zijn nog steeds constructief met elkaar in gesprek”, laat werkgeversvereniging VNO-NCW weten. ,,Wij laten de kip broeden.”

Kocken heeft de hoop opgegeven dat er nog een gezamenlijk advies komt. Ook Jacobs is somber. ,,De vakbonden hebben zich ingegraven.” De hoogleraar vreest dat vakbonden het niet kunnen uitleggen aan hun leden als ze voor het nieuwe pensioenstelsel stemmen.

Rekening
Tegelijkertijd heeft Jacobs wel begrip voor de moeizame onderhandelingen. ,,In het huidige systeem zit een grote onbetaalde rekening, omdat jongeren minder pensioen krijgen voor hun premie-inleg en ouderen juist meer. Maar ook omdat er te weinig geld is om de pensioenen aan te passen aan de inflatie. Terwijl deelnemers daar wel op rekenen. Als er naar een ander stelsel wordt gegaan moet die rekening ineens worden betaald.”

Die rekening kan wel eens 50 miljard euro of meer bedragen. En de vraag is wie dat gaat betalen. De sociale partners kijken nadrukkelijk naar de overheid. Die wil immers een ander stelsel, dus moeten ze er ook maar voor betalen. De overheid heeft tot nu toe echter geen krimp gegeven. ,,Het is bijna niet te doen dat de overheid niet bijdraagt”, zegt Jacobs over de impasse.

Een probleem voor minister Koolmees van Sociale Zaken is dat hij niet over de pensioenen gaat. Dat is een arbeidsvoorwaarde en daar gaan vakbonden en werkgevers over. Dat betekent niet dat hij machteloos aan de kant staat. ,,De minister kan de wet zo aanpassen dat het huidige stelsel onhoudbaar wordt”, zegt Kocken. Dat kan door aan fiscale knoppen te draaien. ,,En hij kan iets doen aan de AOW-leeftijd.”

Jacobs wijst nog op andere mogelijkheden. ,,De pensioenafspraken staan in de cao en die moet algemeen verbindend verklaard worden door de minister. De politiek heeft dus het laatste woord over de afspraken.” En anders is er nog het paardenmiddel dat de pensioenplicht wordt afgeschaft. Nu zijn werknemers in de meeste bedrijven nog verplicht lid van een pensioenfonds. Dat zou het hele stelsel opblazen.

Pensioenen, hoe worden jong en oud belazerd?

De bekende publicist Ad Broere heeft nog eens uit de doeken gedaan hoe wij met zijn allen belazerd worden rondom de pensioenen. Veronruste Ouderen vindt het belangrijk dat dit geluid breed verspreid wordt, en is daarom blij dat dit verhaal hier met toestemming gepubliceerd mag worden.

Het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) is het grootste pensioenfonds van Nederland. Volgens eigen informatie had het ABP eind 2014 opgeteld aan waarde van de beleggingen (vooral aandelen en obligaties) en aan liquide middelen een belegde reserve van € 347 miljard tot zijn beschikking.

Deze € 347 miljard is bestemd voor de uitbetaling van aanvullende pensioenen aan gepensioneerden van nu en in de toekomst. De totale verplichting die het ABP eind 2014 had bedroeg -ruim gerekend- eind 2014 € 214 miljard.

Als het ABP aan het einde van 2014 zou zijn gestopt en aan alle lopende verplichtingen zou hebben voldaan dan zou er aan het eind van de rit minimaal € 133 miljard resteren.

Niemand kan hier aanspraak op maken, want de pensioenpremies die door de werkgever namens de pensioengerechtigde worden afgedragen aan het pensioenfonds komen in een ‘collectieve pot’ terecht. Er is geen verband tussen wat in de pot zit en individuen. Een pensioengerechtigde kan daarom niet meer geld claimen, dan wat hem of haar door het pensioenfonds is toegezegd.

Tekening 1
(c) Animercial

Pensioenfondsen beleggen het premiegeld en maken daarop rente (rendement). Als die rente hoger is dan de rente waarmee in de toezegging wordt gerekend, dan ontstaat er een verschil tussen het geld dat in de belegde reserve zit en het totaal aan verplichtingen. Bij het ABP ging het eind 2014 om € 133 miljard, want de rente (het rendement) was over de afgelopen dertig jaar aanzienlijk hoger dan de rente waarmee werd gerekend.
Tekening 2
(c) Animercial

Je zou zeggen dat het pensioen van de pensioengerechtigden aardig zou kunnen worden geïndexeerd als er zoveel geld overblijft nadat aan alle verplichtingen is voldaan. Niet dus, volgens De Nederlandse Bank (DNB). Er is geen geld over, stelt DNB, er is een tekort. In de media wordt geschreven over een te lage dekkingsgraad.
Hoe kan die te lage dekkingsgraad zijn ontstaan?

Tekening 3
(c) Animercial

De eerste tekening illustreerde de situatie bij het ABP per eind 2014. De tijd gaat echter verder en er komen nieuwe gepensioneerden bij en de pensioengerechtigden die nog niet de pensioenleeftijd hebben bereikt, bouwen hun pensioen nog (verder) op. De werkgever draagt premies af (in de verhouding van ongeveer 3 door de werkgever en 1 door de werknemer) en het pensioenfonds boekt rente (rendement) op de belegde premies.

Door onder andere het verplicht hanteren van de huidige rekenrente, is een hoge buffer nodig. Wij zijn met u van mening dat de huidige nominale systematiek niet deugt. Daarom bepleiten we al vele jaren af te stappen van een regeling waarbij de rekenrente zo’n dominante rol vervult.

Pensioenfonds Zorg en Welzijn

De Nederlandse Bank (DNB) stelt echter dat de rente (rendement) die pensioenfondsen boeken over de lange termijn gemiddeld niet meer dan 2% per jaar zou zijn. Dit is geheel in strijd met het beleggingsresultaat van de pensioenfondsen in de afgelopen decennia tot en met 2017, dat tussen 7 en 8% gemiddeld per jaar heeft bedragen. Omdat DNB echter ‘prudent’ beleid voert, stelt men dat 2% moet worden gehanteerd. Het zou consequent zijn om dan ook de werkgevers aanzienlijk meer premie te laten afdragen, maar nee, dat doen ‘we’ niet, want dan zouden de loonkosten te veel stijgen en dat is slecht voor de concurrentie en voor het budget van de grootste werkgever van Nederland: de overheid…
Het probleem wordt opgelost door de € 133 miljard die er meer in de ABP pot zat dan nodig was voor het nakomen van de verplichtingen te laten ‘uitvloeien’ naar de toekomst toe (zie tekening 3). En dan is er nog een -kunstmatig- tekort.

Tekening 4
(c) Animercial

Stel, als De Nederlandse Bank gelijk zou hebben en de (verre) toekomst er voor de beleggingen van de pensioenfondsen heel somber uitziet, dan is het nog ‘not done’ om het theoretische dekkingstekort op te vullen met geld dat aan de pensioengerechtigden wordt onthouden, die ervoor hebben gespaard. De redenering van DNB leidt ertoe dat de aanvullende pensioenen tot in lengte van jaren niet zullen worden geïndexeerd. Tegelijkertijd worden de werkgevers ontzien en dat is zeer tegenstrijdig als DNB tegelijkertijd verklaart dat het loonaandeel in het Bruto Binnenlands Product (de som van de geldwaarde van alles wat er in Nederland wordt geproduceerd) is afgenomen en het winstdeel juist is toegenomen.
DNB legt de grootste druk op de zwakste schouders en wil zich niet verantwoorden voor dit beleid. Intussen loopt de koopkracht van een groot deel van de ouderen steeds verder terug. Ondanks de steeds terugkerende verhalen over ‘rijke’ oudjes, die veel geld op de bank hebben staan. Dit geldt slechts voor een klein deel van de ouderen. Het grootste deel is toe aan een (stevige) indexering van het aanvullende pensioen en de jongeren aan een realistische aanpak.

De rol van de overheid is bij de verbetering van de bovengenoemde pijnpunten niet meer dan die van een van de werkgevers. Weliswaar de grootste, maar dat geeft de overheid niet het recht om sturend op te treden. Aanvullende pensioenen zijn een zaak van werkgevers en WERKNEMERS. Het lijkt erop dat dit over het hoofd wordt gezien. De Nederlandse Bank en de Autoriteit Financiële Markten hebben een toezichthoudende rol. Dat De Nederlandse Bank die rol opvat als een die het recht geeft om op hun beurt eveneens sturend op te treden is een vergissing. Bovendien is De Nederlandse Bank een niet-zelfstandig onderdeel van de Europese Centrale Bank en eigenlijk niet de aangewezen instelling om toezicht te houden op zaken die Nederlandse werkgevers en Nederlandse werknemers in onderling overleg met elkaar moeten uitzoeken. Een Sociaal Economische Raad voor de aanvullende pensioenen, die objectief advies geeft aan werkgevers en werknemers – niet aan de overheid – zou passender zijn.

© Ad Broere, econoom

Weeffout zorgt voor pensioenstorm in 2020

RTL Nieuws van 20 augustus 2016, 09:00 Leo Witkamp

De komende jaren een te lage pensioenpremie vragen en in 2020 de rekening bij gepensioneerden neerleggen. Ook word je net opgebouwde pensioen gehalveerd. Dat kan niet, denk je? Zonder ingrijpen is dat wél wat er gaat gebeuren.

De oorzaak van dit pensioendrama is een weeffout het financieel toetsingskader (FTK) dat lange termijn uitgangspunten laat botsen met een korte termijn afrekening.

Herstelplan

Pensioenverlagingen hangen vanaf volgend jaar als donkere wolken boven ons hoofd. In de praktijk zijn deze verlagingen niet meer dan enkele tienden van procenten per jaar. Bij een oplopende dekkingsgraad (een paar procent is al voldoende) kunnen de verlagingen jaarlijks ook weer worden stopgezet. Daarom noemen we ze voorwaardelijk.

Een fonds moet de pensioenen verlagen als het niet in het herstelplan kan aantonen dat binnen 10 jaar de vereiste buffers opgebouwd kunnen worden. Zolang de dekkingsgraad maar hoger is dan circa 90% (dit is de zogenaamde kritische dekkingsgraad), lukt dat wel. De verwachte beleggingsopbrengsten voor de komende 10 jaar zijn namelijk aanzienlijk hoger dan de lage rekenrente waarmee de pensioenverplichtingen en dus de dekkingsgraad wordt berekend. Dit komt onder meer omdat er in aandelen wordt belegd. Zo zitten de herstelplannen in elkaar. Op deze manier wordt recht gedaan aan de lange termijn waarop pensioenfondsen beleggen.

Pensioenstorm in 2020

In het FTK is ook vastgelegd dat een pensioenfonds niet langer dan vijf jaren achtereen een dekkingsgraad mag hebben van minder dan 105%. Is dat wel zo, dan moeten de pensioenen in één keer worden verlaagd en wel zoveel dat direct een dekkingsgraad van 105% wordt bereikt. Deze verlagingen mogen worden gespreid over 10 jaar en zijn onvoorwaardelijk: ze kunnen dus niet worden stopgezet als het beter gaat.

Bij een dekkingsgraad van 90% moeten de pensioenen in deze situatie met ruim 14% worden verlaagd om op 105% te komen. Dus 10 jaar lang, elk jaar 1,4% eraf. Ook als het beter gaat. Voor veel pensioenfondsen zal deze situatie zich in 2020 gaan voor doen. Dat zijn geen dreigende donkere wolken meer, maar is een heuse pensioenstorm! Het lange termijn denken stopt in 2020. Een dekkingsgraad van 90% of 100% die vorig jaar, vandaag en ook de komende jaren verantwoord is, is dat in 2020 plots niet meer. Dan moet de dekkingsgraad 105% zijn. Dat is vreemd en de gevolgen zullen dramatisch zijn.

Lage premie ten koste van de dekkingsgraad

Voor de vaststelling van de pensioenpremie mogen pensioenfondsen uitgaan van het op lange termijn verwachte rendement, als ze maar rekening houden met inflatie. Per saldo wordt de pensioenpremie berekend met een rente van zo’n 3%. Dat is fors hoger dan de circa 1% rente die gebruikt moet worden voor de berekening van de verplichtingen en dus van de dekkingsgraad van een fonds. Hierdoor ligt de prijs die voor nieuwe pensioenopbouw wordt betaald veel lager dan het bedrag dat voor datzelfde pensioen aan de verplichtingen wordt toegevoegd. Deze verhouding tussen de feitelijke premie en het benodigde bedrag voor de verplichtingen noemen we de premiedekkingsgraad. De premie kan zomaar de helft te laag zijn (een premiedekkingsgraad van 50%). Dit kost (een standaard pensioenfonds) ruwweg 1% dekkingsgraad per jaar. In 2020 kan dat veel uitmaken voor de hoogte van de onvoorwaardelijke pensioenverlaging.

Wie betaalt de rekening?

Als pensioenfondsen hun financiële positie de komende jaren niet verbeteren, zal er in 2020 flink verlaagd moeten worden. Als dat op een evenwichtige manier gebeurt (en dat is verplicht!), dan ligt een gelijke verlaging voor iedereen niet voor de hand. Het is dan eerlijker om de premiebetalers van vandaag te laten betalen voor de verlaging van de dekkingsgraad, voor zover die het gevolg is van een ‘te lage’ premie. Dat komt erop neer dat hun vanaf 2016 opgebouwde pensioen gehalveerd wordt. Dat is nogal wat. We kunnen niet tot 2020 wachten dat te vertellen. Pensioenfondsen moeten daar nu al over nadenken, besluiten nemen en communiceren.

Natuurlijk zullen er ook tegengeluiden zijn: “Ja, maar gepensioneerden krijgen ook volledig uitgekeerd als de dekkingsgraad 90% is. Daar moet dan ook rekening mee gehouden worden.“ Los van het feit dat dit gerommel in de marge is, is het ook niet terecht. Gepensioneerden profiteren immers ook niet van een dekkingsgraad van 105% of zelfs 110%, dus laten we het daar maar niet over hebben.

De oplossing

Een oplossing om deze pensioendrama’s te voorkomen lijkt ingewikkeld, maar is eenvoudig:

1) Laat de 5-jaarseis van 105% los en

2) stel een minimum aan de premiedekkingsgraad van 90% (dit komt overeen met de kritische dekkingsgraad).

Met deze maatregelen is een evenredige pensioenverlaging ook evenwichtig. Ze doen bovendien recht aan de lange termijn horizon van pensioenfondsen en maken de weeffout ongedaan.

Leo Witkamp is actuaris en werkt bij MPD, de uitvoerder van pensioenfonds PNO Media. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.

Wetsvoorstel 50PLUS: laatste poging om pensioenkortingen te voorkomen!

50PLUS 2e kamerlid Martin van Rooijen heeft een initiatiefwetsvoorstel ingediend waarmee dreigende pensioenkortingen voorkomen moeten worden. Als er niets gebeurt dan is de kans groot dat in 2020 en 2021 gekort moet worden op de pensioenrechten van vele miljoenen Nederlanders, zowel van hen die nog werken als van hen die al met pensioen zijn. Dit komt omdat de dekkingsgraad van veel pensioenfondsen al jaren onder het vereiste minimumniveau zit. En na 5 jaar moet dan onvoorwaardelijk en onomkeerbaar gekort worden.

Deze dreigende korting komt niet omdat pensioenfondsen er zo slecht voorstaan, in tegendeel, pensioenfondsen zijn rijker dan ooit tevoren. Ook op deze website hebben we als Verontruste Ouderen meer dan eens gewezen op het beleid van de ECB dat met zijn opkoopprogramma ervoor zorgt dat de marktrente historisch gezien uitzonderlijk laag is. En pensioenfondsen zijn als gevolg van de wet (het Financieel Toetsings- Kader) gedwongen om hun toekomstige verplichtingen te berekenen aan de hand van deze veel te lage rente. Het werkelijk behaalde rendement telt daarbij niet. Zie ook ons verhaal hierover op deze site.

Het wetsvoorstel van Martin van Rooijen behelst nu om voorlopig een bodem van slechts 2% in die rekenrente te leggen. Pensioenfondsen mogen dan met minimaal 2% rekenen om hun toekomstige verplichtingen te bepalen. En alhoewel 2% nog steeds niet in verhouding staat tot de werkelijk behaalde rendementen, is dit percentage toch voldoende om de dekkingsgraad van de meeste fondsen zoveel te laten stijgen dat korting voor nu afgewend wordt.

Meer informatie over het wetsvoorstel vindt u op de site van 50PLUS:
https://www.50pluspartij.nl/actueel/1964-wetsvoorstel-50plus-kortingen-pensioen
Lees ook een redactioneel artikel in het AD hierover:
50Plus zet pensioendiscussie op scherp
En ook Loon voor Later schenkt hier aandacht aan:
50PLUS: verhoog de rekenrente, dan is korten op pensioen niet nodig

Een initiatief wetsvoorstel betekent dat politieke partijen allerlei vragen die ze hierover hebben richten aan de initiatiefnemer, hier dus 50PLUSser Martin van Rooijen. Deze vragen en de antwoorden erop worden dan verzameld in een openbaar 2e kamer stuk, geheten “Nota naar aanleiding van verslag”. En alhoewel het taaie kost is, is het misschien toch goed om de vragen en antwoorden eens te bestuderen. VO vindt het schokkend te moeten ervaren dat er zoveel onbenul heerst bij de politieke partijen ten aanzien van ons pensioenstelsel. De nota kunt u hier downloaden:
https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/detail?id=2017D23994

 

Vragen aan volksvertegenwoordigers

Een van de actiemiddelen die Verontruste Ouderen gebruikt is het stellen van vragen aan volksvertegenwoordigers. We zullen vanaf nu regelmatig zo’n per email gestelde vraag hier publiceren.

Van: Holke Flapper
Datum: 21 juni 2017 om 12:26
Onderwerp: pensioenroof
Aan: “Dr. P.H. (Pieter) Omtzigt” <p.omtzigt@tweedekamer.nl>

Beste Pieter,

Zoals al eerder gezegd achten wij jou een van de weinige parlementariërs, die zich actief met de pensioenen bezig houdt en er met verstand van zaken over kan praten.
Weliswaar wordt ook door jou het echte probleem niet ter discussie gesteld, althans zeker niet voor iedereen zichtbaar. De rol van de ECB is duidelijk en niet door een Nederlands parlementslid te veranderen.

Wat zeker zo belangrijk is is de discussie omtrent de rekenrente, de dreigende kortingen, het uitblijven van indexering en de voortdurende stroom misleidende berichten die over het Nederlandse publiek worden uitgestort.
Je hebt destijds vragen gesteld aan staatssecretaris Klijnsma over de verdwenen pensioen miljarden.
Mogelijk kan het artikel dat onder ingevoegde link is te vinden een antwoord op die vraag zijn.
Wat ons verbaasd is dat deze kennis zeker in parlementaire kring bekend moet zijn en we vragen ons dan ook af of, gezien de pensioenroof onder CDA bewind plaatsvond, er hier sprake is van windowdressing.

https://cooperatiedevrijemedia.nl/2017/06/werkgevers-en-rijk-profiteren-van-gedoe-met-pensioenen/

Namens de Verontruste Ouderen:

​Holke J.M.Flapper

Pensioenroof

Onder de titel “Pensioenroof” schreef John Bakker een e-mail naar Ad Broere, vermaard pensioendeskundige. Lees hier wat John Bakker aan Ad Broere schreef en wat het antwoord daarop was.

========================================================

Op 16 juni 2017 om 21:34 schreef John Bakker :

Geachte heer Broere,

Na lezing van uw stukken en van anderen heb ik bijgevoegde mails naar alle fracties gestuurd. Het ontvangen van reacties duurt heel wat langer dan het rood maken van een hokje op het stembiljet. Ik heb ook het ABP om een toelichting gevraagd.

Het zou me wel wat lijken om een procedure tegen de Staat te voeren wegens diefstal van een deel van mijn pensioen. Men verschuilt zich achter instemming van de Tweee Kamer destijds. Maar in oorlogstijd worden er wel meer wetten aangenomen waar achteraf beschouwd een luchtje aan zat. Er zijn ook niets voor niets zoveel parlementaire enquêtes om te onderzoeken wat mis is gegaan.

Inmiddels iets vernomen van 50Plus( hr van Rooijen), en van SGP.

Met vriendelijke groet,
John Bakker

En het antwoord:
Van: Ad Broere
Datum: 16 juni 2017 om 22:55
Onderwerp: Re: Pensioenroof

Geachte heer Bakker,

Deze pensioenroof is ernstig. Ook de verlaging van het werkgeversdeel in de pensioenpremies in de jaren 90 tot het eerste decennium van 2000, omdat de dekkingsgraad zeer comfortabel leek te zijn, is een weggeschoven feit. De verlaging van de pensioenpremies, in het bijzonder van het werkgeversdeel gaat in deze tijd echter onverminderd door, omdat de premies bij de huidige lage rekenrente sterk omhoog zouden moeten gaan. Dit gebeurt niet om het rendement van ondernemingen en de concurrentiepositie van Nederland tov het buitenland niet onder druk te zetten, En wie zijn hiervan de dupe? Juist, de gepensioneerden, want de reserves die zij hebben opgebouwd worden gebruikt om de premies zo laag mogelijk te houden. Dit is zo mogelijk nog schandelijker dan de pensioenroof onder Lubbers en Ruding. Door de lage rekenrente en de daaruit volgende te lage dekkingsgraad worden de pensioenen niet geïndexeerd. Door niet te indexeren kunnen de pensioenpremies – relatief – laag worden gehouden, omdat er meer dan voldoende in ‘de pot’ zit. Gepensioneerden worden dus niet gesubsidieerd door de nu werkenden, het is precies andersom, de nu gepensioneerden subsidiëren de nu werkenden. Omdat de premies in een collectieve pot zijn gestort, is het niet duidelijk welk kapitaal er exact voor u en andere gepensioneerden is opgebouwd. Met behulp van de beschikbare computerprogramma’s kan dat echter met terugwerkende kracht alsnog worden gedaan. Ik hoop u hiermee bruikbare tools in handen te hebben gegeven.

Vriendelijke groet,

Ad Broere

Graag wijzen we de lezer ook op een artikel van de hand van Ad Broere dat over dezelfde materie gaat:

Pensioenfondsen in coma

Recente gebeurtenissen in de politiek, samen met een publicatie in het dagblad Trouw van 19-05-2017 waren voor onze collega Frits Schuurman aanleiding voor bijgaande satirische beschouwen die VO u niet wil onthouden.

Pensioenfondsen in coma

De eerste tropische dag dit jaar, het is 17 mei 2017. Dokter DNB zit met enkele co-assistenten op het terras van een bekend journalistencafé in hartje Amsterdam. Na een aantal weken klaverjessen hebben vier beoogde coalitiepartners de kaarten weer bij mevr. Schippers ingeleverd. Hoe zal dit toch aflopen. Dokter DNB maakt zich zorgen over de juiste uitbehandeling van zijn belangrijkste patiënten, de pensioenfondsen. Waar vindt hij een betere plek dan juist dit terras om het hele land te laten weten dat de pensioenfondsen in coma liggen, zelf niet kunnen verkondigen hoe slecht ze er voor staan en dat ze nog jaren in een gevarenzone zullen verkeren? Dit nieuws besprak hij dus voor 

Klik hier om het hele verhaal te lezen

Kieshulp Pensioen

Wouter Verwoerd heeft recentelijk een kieshulp rond de pensioenen gemaakt. Hij heeft daartoe alle partijprogramma’s doorgespit en de uitlatingen over pensioenen genoteerd en in een overzichtelijk geheel bijeen gebracht. Verontruste Ouderen zet dit overzicht met plezier op haar website, en hoopt dat iedereen bij het uitbrengen van zijn/haar stem op 15 maart rekening houdt met dit overzicht.

U kunt hieronder op de verschillende items klikken om meteen daar naar toe te springen. U kunt ook op de link onderaan klikken om het hele verhaal te lezen.

Klik hier om het hele verhaal te lezen

Wat is er mis met ons pensioenstelsel?

Deze vraag horen we de laatste tijd steeds vaker. En nooit komt er een duidelijk antwoord. Jongeren geloven de fabel dat pensioenpotten door ouderen worden leeggeroofd, en ouderen staan op hun achterste benen omdat zij hun inkomen door niet-indexeren en (mogelijk) korten van hun pensioen achteruit zien hollen. Ouderen komen hiertegen in opstand omdat in hun ogen dit een onterechte en onverdiende behandeling is. Ouderen vinden echter met hun verhaal geen gehoor bij de politiek, terwijl jongeren al helemaal niet serieus met hun pensioen bezig zijn om daarin een bondgenoot te vinden. Het hele pensioenverhaal is een gecompliceerd gebeuren dat wellicht op de volgende manier wat meer inzichtelijk gemaakt kan worden. Dit verhaal speelt zich af in twee werelden, de reële en de virtuele wereld.

Klik hier om het hele verhaal te lezen